Missie en visie


Gijs-ABBO-Montessori-_GPF0855-webresOnze doelen

  • Wij vinden het belangrijk dat kinderen zich veilig en geborgen voelen op onze school.
  • Elke leerkracht draagt middels persoonlijke aandacht bij aan het ontwikkelen van de mogelijkheden en talenten van alle kinderen. Het bieden van een uitdagende en optimale voorbereide leeromgeving is hierbij een  voorwaarde. Omdat ieder kind uniek is stemmen wij
    ons onderwijsaanbod af op aanleg, afkomst, tempo, cultuur, geaardheid en begaafdheid.
  • Alle leerkrachten hebben de Montessoriopleiding gevolgd. Ze weten de kinderen op dusdanige wijze te observeren en de juiste begeleiding te geven om goed te leren kiezen en plannen, te leren omgaan met vrijheden en verantwoordelijkheid en hen te leren om verbanden te zien.

De doorgaande lijn in relatie tot het pedagogisch klimaat

De sfeer op onze school is warm, open, respectvol en geborgen. Leerkrachten voelen zich zeer betrokken bij de kinderen. Het feit dat onze leerlingen zich op hun gemak en ‘thuis’ voelen is een sterk punt bij ons op school.
Het goed in je vel zitten is een belangrijke voorwaarde om je te kunnen ontwikkelen. We besteden veel aandacht aan de sfeer en de leeromgeving bij ons op school. Via een ononder-broken leer- en ontwikkelingsproces (de doorgaande lijn) kunnen de kinderen die kennis en vaardigheden opdoen die zij nodig hebben om een zelfstandig, verantwoordelijk, sociaal en kritisch denkend mens te worden.

Dit leerproces geven wij vorm door onze manier van lesgeven. We geven steun waar dat nodig is en met de voorbereide leeromgeving en de Montessori materialen worden de kinderen uitgedaagd zich verder te ontwikkelen. Zelfstandigheid bevorderen staat daarbij voorop. `Help mij het zelf te doen` is één van de belangrijkste uitgangspunten van Maria Montessori.

Principe van zelfontwikkeling

Een belangrijk onderdeel in de leeromgeving van onze Montessorischool zijn de leermiddelen, het ontwikkelingsmateriaal genoemd. De kinderen gebruiken dit materiaal om zichzelf te ontwikkelen. Daarnaast zetten wij de materialen ook in bij methodes die we gebruiken.Voor iedere ontwikkelingsfase is er ander materiaal. Het materiaal is middel en geen doel op zich. Daarom gebruiken we ook niet-Montessorimaterialen in ons onderwijs.

In de dagelijkse praktijk

We willen ons onderwijs laten aansluiten bij de belangstelling van kinderen voor de wereld om hen heen. Aandacht, verwondering en verbeeldingskracht spelen hierbij een belangrijke rol. Concreet betekent dit, dat er in alle groepen materialen aanwezig zijn die tegemoet komen aan de gevoelige perioden. Onze kinderen krijgen een bepaalde mate van vrijheid waarbinnen zij mogen leren naar aanleg, tempo en belangstelling. Hierbij is het nodig, dat zij een zelfstandige en gedisciplineerde werkhouding ontwikkelen, waarbij alle schoolse vakken evenwichtig aan bod komen. Bij het “leren leren” heeft het kind onze begeleiding nodig.

Gevoelige perioden

Uitgangspunt voor het Montessori onderwijs is aansluiting te zoeken bij de ´gevoelige perioden´ van het kind. Dit zijn perioden waarin een kind veel belangstelling heeft voor een bepaald leergebied. In zo´n periode neemt het kind de kennis van dat gebied beter op. Alle kinderen maken deze perioden door, maar niet allemaal op dezelfde leeftijd. Door goed naar het kind te kijken kunnen ouders en leerkrachten ontdekken voor welke kennis en vaardigheid het kind gevoelig is en daar zoveel mogelijk op inspelen.

De voorbereide omgeving

De omgeving moet het kind uitdagen tot leren. Hoe meer de omgeving aangepast wordt aan de behoeften van het kind, des te meer zal het kind leren. Dit betekent dat het materiaal goed zichtbaar en overzichtelijk in de lokalen moet zijn opgesteld. De kinderen kunnen het materiaal zelf pakken en opruimen. De leerkracht zorgt voor de juiste werksfeer in de groep. Een sfeer waar een ieder zelfstandig of samen met anderen kan werken. De leeromgeving moet rustig zijn en de kinderen moeten leren
elkaar niet te storen tijdens het werk. Op die manier wordt elk kind in staat gesteld zich naar eigen aanleg en tempo te ontwikkelen.

Vrijheid in gebondenheid

In ons onderwijs vinden we een zekere mate van vrijheid in werkkeuze belangrijk. Het is de taak van de leerkracht om het kind te stimuleren en aan te moedigen het niveau te bereiken wat voor hem/haar haalbaar is. Observeren is hierbij heel belangrijk.

De kinderen houden hun eigen vorderingen bij op hun werkoverzicht. Vanwege de eigen keuze werken de kinderen niet altijd aan dezelfde taken. Daardoor zijn de dag- en weektaken soms verschillend.

Als het gaat om leervoorwaarden kan het zo zijn dat voor het ene kind een rustig plekje nodig is en het andere kind in een groepje goed functioneert. Samenwerken vinden wij belangrijk. Daarom vinden er geregeld groepslessen en groepsopdrachten plaats. Samenwerken kan ook in tweetallen.

Facebook